Vitaliteit.
Vitaliteit is een overvloed aan
energie. Natuurlijke gesteldheid en krachten (ijzersterk) van je lichaam, een
sterk immuunsysteem dus, emotionele (ontroering) energie, je lekker voelen en
mentale (de geest,de gedachte)energie, een sterke persoonlijkheid en goede
toekomst visie voor jezelf. Werken aan je vitaliteit betekend werken aan je
gezondheid, kracht, energieniveau, kortom, je leefkwaliteit!
Immuunsysteem of Weerstand.
Immuunsysteem is de weerstand tegen
infectieziekten, ziektekiemen
die het lichaam binnendringen. Ziekte ontstaat
meestal door een verzwakt immuunsysteem. Wanneer we spreken over onze
'weerstand' bedoelen we het verbazingwekkende immuunsysteem van ons lichaam
tegen schadelijke indringers. Voortdurend binden bijvoorbeeld miljarden witte
bloedlichaampjes de strijd aan met schadelijke bacteriën en 'vechten' dan
letterlijk tot ze erbij neervallen.
Snelheid.
Snelheid wordt wel eens uitgelegd als het vangen een vogel. Snelheid is het
vermogen van het lichaam om bewegingen in zo snel mogelijk uit te kunnen voeren.
Je kan ook zeggen: het is het vermogen om met een zo hoog mogelijke snelheid het
lichaam, of delen daarvan, voort te bewegen.
Spierkracht.
Spierkracht is de kracht van een spier of spiergroep
tijdens een samentrekking. Door regelmatig herhalen zal een spier of spiergroep
zich aanpassen aan deze belasting en daadoor sterker en dikker worden. De
dwarsdoorsnede wordt groter.
Lenigheid.
Lenigheid en flexibiliteit is de bewegingsmogelijkheid van een gewricht waarover
een spier of spiergroep loopt. Als men ouder wordt en door te weinig beweging
worden de spieren korter en de spieren minder flexibeler. Door regelmatig
oefeningen zoals yoga blijf je leniger en krijgen de spieren een grotere
bewegingsmogelijkheid. Mensen die lenig en soepel zijn, hebben minder kans om
een blessure op te lopen.
Hartfrequentie.
De hartfrequentie (Hf)is het aantal slagen per minuut dat het hart maakt op het
moment van meten. De Hf kan dan ook zeer sterk variëren van persoon tot persoon,
en van inspanning tot inspanning. In rust heeft een ongetraind persoon een Hf
die ligt tussen de 70 tot 80 slagen per minuut. Men spreekt dan van de rustpols.
Bij sporters met een groot uithoudingsvermogen, zal die rustpols lager liggen,
bij topatleten zelfs onder de 40 slagen per minuut. Bij ongetrainde en getrainde
ligt de maximale Hf rond de 210 slagen per minuut min de leeftijd.
Conditie.
Onder het begrip conditie of fitheid verstaan we: de door
fysieke en psychische factoren gekenmerkte toestand van lichamelijk
prestatie-vermogen.Het vermogen om lichamelijke prestaties te leveren is
af-hankelijk van een aantal grondeigenschappen.
Deze grond- of
basis-eigenschappen zijn: kracht,snelheid,uithoudingsvermogen en lenigheid.
Uithoudingsvermogen.
Het uithoudingsvermogen is het vermogen om
weerstand te bieden tegen lichamelijke en geestelijke vermoeidheid. Door een
goed uithoudingsvermogen kunnen we een betere prestatie leveren bijvoorbeeld
langer hartlopen. Een ander belangrijk facet bij een goed uithoudingsvermogen is
het feit, dat het herstel na een belasting beter en sneller verloopt. Het is van
groot belang een goed functioneren van hart en de bloedvaten (bloedsomloop).
Flexibiliteit en lenigheid
Flexibiliteit is de bewegingsmogelijkheid
van een gewricht waarover een spier of spiergroep loopt. Met het ouder worden en
door inactiviteit worden de spieren korter waardoor de bewegingsmogelijkheid
belemmerd wordt. Dit kan leiden tot snellere blessures omdat men minder flexibel
kan reageren op de omgeving. Door regelmatig stresch-oefeningen te doen blijf je
flexibeler en krijg de spier een grotere bewegings-mogelijkheid.
Fitness
Onder Fitness worden in principe al die activiteiten
verstaan, waardoor de fitheid en / of gezondheid en / of conditionele
voorwaarden van mensen worden verbeterd en / of onderhouden.
Antioxidatie
Van een aantal vitaminen is bekend dat ze antioxidatieve
eigenschappen hebben. Dat wil zeggen dat ze de oxidatie (het
roesten) van celwanden kunnen voorkomen of vertragen.
Afvalproducten die
ontstaan bij oxidatie treden op als storende elementen in de cellen en kunnen
leiden tot ziekte-processen.
Oxidatie is een scheikundig proces waarbij een
stof onder invloed van zuurstof een verandering (roesten) ondergaat.
Vrije radicalen
Vrije radicalen zijn deeltjes die helpen bij het
afweersysteem om ziekteverwekkers en andere 'indringers' buiten te houden. Ze
kunnen individueel nuttig zijn, maar als er te veel van zijn, richten ze schade
aan.
Wat zijn vitamines
Vitamines
zijn natuurlijke stoffen die in zeer kleine hoeveelheden in onze voeding zitten.
Ze spelen een belangrijke rol bij de stofwisseling, waarbij energie wordt
vrijgemaakt uit het eten. Verder zijn ze onontbeerlijk voor de groei en het
herstel van weefsels. Het afweersysteem heeft ze nodig om infecties te
bestrijden.
Spoorelementen
Spoorelementen zijn onmisbaar voor de gezondheid, maar wij hebben er slechts
kleine hoeveelheden van nodig. Spoorelementen zijn: *ijzer *zink *koper *mangaan
*jodium *selenium *molybdeen
*fluoride *chroom
Mineralen
Mineralen zijn, anders dan vitamines, onorganische stoffen;
dat wil zeggen dat ze niet door levende organismen worden gevormd
Voedingssupplementen
Voedingssupplement, pillen, poeders en
kruidenpreparaten doorgans voorzien van een gezondheidsclaim. Ze zien eruit als
geneesmiddelen, maar zijn niet als zodanig geregistreerd. Ze bevatten
bijvoorbeeld vitaminen, mineralen, spoorelementen, biergist, knoflook of
ginseng.